Home Contact Lid worden AAA
   

Spookmilitairen


23 januari 2012

Deze week las ik een grappig bericht uit Pakistan. Iemand was er in was geslaagd zich 3 jaar voor te doen als generaal. Iets wat mij in Nederland toch een onmogelijke uitdaging lijkt, al ken ik wel oude verhalen over spookmilitairen: mensen die salaris ontvingen terwijl ze niet (meer) in dienst waren.

Defensie bestaat echter niet uit spookmilitairen, maar uit echte mensen. En bij die mensen leiden de reorganisaties uit de Beleidsbrief van 8 april 2011 tot bezinningsvragen: waarvoor hebben we het al die tijd gedaan, terwijl al onze kennis, ervaring, inzet met één pennenstreek wordt weggevaagd? Of het nu gaat om het afstoten van complete wapensystemen of het inkrimpen van de staven met 30% - het leidt tot vergelijkbare gevoelens. De centrales van defensiepersoneel hebben weliswaar een goed sociaal beleidskader afgesproken (al kan alles altijd beter) maar dat neemt het gevoel bij de overtollig verklaarde militairen niet weg dat zij worden afgedankt, vaak na tientallen jaren eerlijke en trouwe dienst, met een minimum aan respect en voorzieningen en zonder enige kans op een vergelijkbare baan in de burgermaatschappij. Bewegingen rondom de bijzondere positie van de militair en krantenberichten als: “Zolang de overtollige militairen nog bij Defensie op de loonlijst staan, is er geen geld om in de lagere rangen nieuw personeel aan te nemen” werken dan als een rode lap op een stier.

Defensie stroomt sneller leeg dan gepland, doordat de niet-planmatige uitstroom van 40-minners weer toeneemt en de instroom afneemt. Macro gezien zou Defensie nu al onder het plancijfer van 2016 zitten. Fijn voor de boekhouders, maar een zorgelijke ontwikkeling voor de krijgsmachtdelen omdat dit direct terugslaat op de operationele gereedheid en dus nú al op het vermogen om aan de operationele verplichtingen te voldoen.

We moeten door de huidige bezuinigingen héén, laat daar geen misverstand over bestaan. De huidige politiek biedt nog net € 7 miljard voor Defensie. Maar wat heeft Defensie de mensen naar de toekomst toe te bieden. Wat is er gebeurd met het Eindrapport Verkennningen?
En, met betrekking tot het personeel, wáár is het ‘grand plan’ op weg naar pakweg 2030? Het strategisch personeelsbeleid dat rekening houdt met de demografische en technologische ontwikkelingen die de komende decennia op Nederland afkomen? Dat er rekening mee houdt met Defensie niet alleen ‘toppers’ heeft, maar juist heel veel hardwerkende ‘gewone’ militairen? Een beleid dat rekening houdt met het gegeven dat de jongere werknemer andere dingen verlangt van de werkgever dan een, pakweg, 40-jarige?
 
Bij een krimpende en ontgroenende arbeidsmarkt moet Defensie een ongelijke concurrentiestrijd aan met het bedrijfsleven. Je kunt je afvragen of Defensie die strijd om het schaarse personeel überhaupt aan moet gaan; het is immers geen ‘level playing field’, zoek liever de symbiose.

Defensie moet brede afspraken met het bedrijfsleven maken. Laat het grote groepen 18+-ers uit de arbeidsmarkt halen en deze na 4 tot 10 jaar weer terug begeleiden  in die arbeidsmarkt. Deze nog steeds jonge oud-militairen hebben dan betere arbeidsmarktkwalificaties: aanvullend (technisch) opgeleid, met werk- en levenservaring, gedisciplineerd, kortom: modelwerknemers én inzetbaar als reservist. Het Flexibel personeelssysteem zou niet alleen als eenzijdig sturingselement voor een gezonde personeelsopbouw binnen Defensie moeten dienen, maar ook als middel voor de symbiose met het bedrijfsleven. Daar profiteert de BV Nederland van en dat moet een argument zijn voor het bedrijfsleven om de strijd om de schaarse jongeren niet met het mes op tafel te spelen, maar de symbiose te zoeken.

Defensie wordt zonder strategische personeelsvisie een organisatie met een nieuw soort spookmilitairen: in de boekhouding van de “Haagsche werkelijkheid” staan 40.000 militairen gepland in 2016, in de echte militaire wereld, op de appélplaats en bij baksgewijs, zou het straks weleens heel stil kunnen zijn.


Uw voorzitter

Reageren?