Telegraaf: ’Lat voor defensie ligt niet te hoog’

05 okt 2016
1854 keer
Telegraaf: ’Lat voor defensie ligt niet te hoog’
Een lezer gaf aan dat Nederland veel te veel geld investeert in Defensie, terwijl zo'n klein landje als Nederland dat helemaal niet nodig heeft (Tel. 04/10). Maar dat is niet zo, weet Marc de Natris.

Het valt de schrijver op waarom niemand zich afvraagt of de lat bij Defensie niet te hoog ligt, de ambitie niet te groot is en of er niet verkeerde prioriteiten door Nederland worden gelegd. Er wordt verwezen naar vergelijkbare landen zoals Noorwegen, Zweden, België die de lat volgens de schrijver niet zo hoog als Nederland leggen.

Nederland kan zich alleen verdedigen binnen een bondgenootschap. De kracht van die verdediging zit in de militaire kracht maar vooral ook in de samenhang binnen dit bondgenootschap. Ben je een betrouwbare partner? Betrouwbare partners zijn te herkennen aan ‘ Risk and burden sharing’.
‘ Risk sharing’ betekent dat je de risicovolle delen van een krijgsmacht zoals de infanterie en de cavalerie ook voor je rekening neemt en niet alleen de luchtmacht. Het andere is ‘Burden sharing’.

Met andere woorden het percentage van het Bruto Binnenlands Product (BBP) dat je voor Defensie uitgeeft. Volgens de regering geven wij 1,13% uit. Maar hier zitten lasten in zoals extra inkoopkosten pensioenen, de marechaussee, BTW die in vele andere landen niet in het budget zitten. Nederland levert dus ver onder het Europese gemiddelde van 1,43%. Een percentage wat Europees gezien aan het oplopen is.

Wanneer ik inzoom op de brief van de heer of mevrouw Poortvliet en ik kijk naar het defensiebudget van de aangehaalde landen dan geldt alleen voor België dat zij minder, % BBP, aan defensie uitgeven. Zweden en Noorwegen geven aanzienlijk meer, respectievelijk 0,2 en 0,4% BBP, aan Defensie uit dan Nederland.

Als ik kijk naar de voorbeelden betreffende het (overbodige) materieel van Defensie dan valt het volgende op: België en Noorwegen kopen net als Nederland F35’s. Waarbij Nederland en België aan het onderzoeken zijn of zij hun luchtverdediging gezamenlijk met deze F35’s kunnen uitvoeren. Noorwegen en Zweden hebben net als Nederland onderzeeboten. Voor alle drie de landen geldt dat zij bezig zijn met een vervangingstraject voor hun huidige onderzeeboten. Een samenwerkingsverband tussen Nederland en één van de genoemde landen behoort zelfs tot de mogelijkheden.

De schrijver plaats ook vraagtekens bij de aanschaf van tanker- en transportvliegtuigen. De tanker- en transportvliegtuigen zijn een niche capaciteit binnen de NAVO. Investeren in een nichecapaciteit houdt in dat andere landen kunnen investeren in andere capaciteiten ten behoeven van de verdediging van het NAVO grondgebied.

Er blijft naar aanleiding van de ingezonden brief maar één conclusie over: de lat ligt in Nederland helemaal niet hoog.

KLTZ Marc de Natris,
Voorzitter Koninklijke vereniging van Marineofficieren

Bron: Telegraaf

KVMO  |  Wassenaarseweg 2, 2596 CH Den Haag  |  070 - 383 95 04