Verbloemen

06 mei 2019
441 keer
Verbloemen
Afgelopen week brak mediadirecteur Gert-Jan Hox van BNNVARA een lans voor Matthijs van Nieuwkerk. Hij vindt dat er voor Matthijs een uitzondering moet wordt gemaakt wat betreft de regels voor wat presentatoren van de publieke omroep maximaal mogen verdienen. Hox is namelijk bang dat Van Nieuwkerk naar een commerciële omroep overstapt.

Ik begrijp de mediadirecteur wel. Wat je ook van Matthijs vindt, hij is een ´kijkcijferkanon´ en veel mensen kijken dagelijks naar DWDD. Maar het probleem van de mediadirecteur staat in schril contrast met de rest van de publieke sector. Als Matthijs opstapt is er altijd wel iemand te vinden die met wat vrienden als sidekick voor een salaris van € 194.000,- een talkshow wil presenteren. Ik denk dan ook dat er niet veel mensen van wakker zullen liggen als Matthijs opstapt. In een groot deel van onze publieke sector en onze samenleving ligt dit anders. Het betreft niet één iemand die eventueel wil overstappen en vervangen moet worden, maar het betreft een uittocht van duizenden ‘klasbakken’ die defensie, politie, onderwijs enz. verlaten. Gekwalificeerde opvolgers zijn (nog) niet beschikbaar of staan niet te trappelen om weer in hun sector aan de slag te gaan. De gevolgen van de ‘klasbakken’-uittocht zijn voor de samenleving dan ook dagelijks zichtbaar en voelbaar.

Binnen bovengenoemde sectoren maakt men zich grote zorgen over de continue uitstroom/braindrain. Afgelopen week gaf de Inspectie Justitie en Veiligheid in haar rapportage het signaal af dat de politie, de forensische zorg, de brandweer en het gevangeniswezen te maken hebben met een te krappe personele bezetting. De inspectie is de waakhond van het ministerie van Justitie en Veiligheid en doet onder meer onderzoeken naar ernstige incidenten. De inspectie geeft in haar rapport aan dat er hardnekkige problemen zijn. Zoals gebruikelijk wordt het ‘waakhond’-signaal door de verantwoordelijke minister (Grapperhaus, Justitie) weerlegd door bij herhaling in de Tweede Kamer te ontkennen dat er grote personele problemen zijn bij de politie, gevangenissen of in de forensische zorg. Dat de politie zelf meldt dat er duizenden onderzoeken gestopt zijn, omdat er niet genoeg rechercheurs beschikbaar zijn wordt door de minister schijnbaar niet als een probleem gezien.

Bij de gevangenissen is het van hetzelfde laken een pak: “De personele bezetting is afgenomen terwijl de populatie gedetineerden complexer is geworden. Medewerkers zijn onvoldoende toegerust om deze problematiek te hanteren, ook omdat er door personeelskrapte nauwelijks ruimte is voor bijscholing.” Op zichzelf inderdaad geen probleem, tenzij je het lijdend voorwerp bent en uitvoerend werk verricht in een gevangenis. Probeer je dan maar staande te houden en met plezier naar je werk te gaan. En dan heb ik het nog niet eens over de vergoeding die daar tegenover staat.

Ik vind het opvallend dat ministers en staatssecretarissen over het algemeen problemen binnen hun sectoren proberen te verbloemen. Is het niet juist de taak van bewindslieden om de problemen te delen met de Tweede Kamer en te komen tot een oplossing? Het lijkt er nu op dat men de problemen verbloemt om te voorkomen dat Kamerleden lastige vragen gaan stellen, die pijnlijk kunnen uitpakken voor een minister of staatssecretaris. Echter, de ellende komt uiteindelijk alsnog naar boven want als het structureel fout zit kun je het niet blijven verbloemen.

Moraal van het verhaal: eerlijkheid duurt het langst. Als er vanuit een kabinet niet voldoende geld (meer) beschikbaar komt voor een uitvoerend departement dan heeft dat gevolgen voor de ‘output’ van dit departement. Wees hier gewoon eerlijk over richting de samenleving en de werknemers. Zij kunnen dan bepalen wat ze hiervan vinden. Accepteren ze de gevolgen of moet het kabinet hier wat aan gaan doen, door bijvoorbeeld te investeren in de ‘klasbakken’? Wat mij betreft niet in ‘klasbak’ Matthijs. Een premiersalaris volstaat in mijn ogen en als dit niet genoeg is: exit zonder WW-aanspraak.

Reageren op deze weblog>>

KVMO  |  Wassenaarseweg 2, 2596 CH Den Haag  |  070 - 383 95 04