Professional of clown?

06 apr 2020
1430 keer
Professional of clown?
Sinds het uitbreken van de coronacrisis is er veel aandacht voor deskundigen, ook wel professionals genoemd. Het woord 'professional' komt van het Latijnse woord 'profiteri'. Dat betekent 'openlijk verklaren'. Een andere gebruik van het Latijnse woord ‘profiteri’ vinden we vandaag de dag terug in het woord 'professie'. Dan betreft het werknemers die zich in een bepaald domein hebben gekwalificeerd. Zijn noemen zich dan ook vaak een ‘professional op het gebied van’.

Voordat men zich een professional kan en mag noemen moeten opleidingen zijn doorlopen en door het werken in de professie ervaring, kennis en kunde zijn opgedaan. Professionals verenigen zich vaak, bijvoorbeeld in de Koninklijke Vereniging van Marineofficieren, omdat zij zich sterk verbonden voelen met hun beroep. Het verenigingsblad, in ons geval het Marineblad, houdt deze professionals op de hoogte over de laatste ontwikkelingen op hun vakgebied.

De afgelopen jaren merk ik dat, als het gaat om het vervullen van topfuncties, het zijn van professional ‘op het gebied van’ niet altijd op waarde wordt geschat. Zo las ik dat de onlangs aangestelde brandweercommandant van Rotterdam-Rijnmond, nu nog gemeentesecretaris van een stad van 51.000 inwoners, geen enkele brandweerervaring heeft. Opmerkelijk, omdat het korps Rotterdam-Rijnmond het grootste risicogebied van Nederland beschermt. Er wonen 1,2 miljoen mensen en het is het meest complexe, diverse en dynamische verzorgingsgebied van Nederland: het heeft onder meer een vliegveld, petrochemische industrie en één van de grootste havens ter wereld.

In de ‘Regeling betreffende de eisen van aanstelling en bevordering voor het personeel brandweerpersoneel in dienst van de gemeente Rotterdam’ staan de eisen waaraan de brandweerprofessional moet voldoen. Artikel 18: ‘De officier kan worden bevorderd tot de rang van commandeur of tot een hogere rang indien hij het rijksdiploma commandeur bezit en voldoet aan de door het tot bevordering bevoegd gezag te stellen eisen van geschiktheid, bekwaamheid en opleiding. Daarnaast moet hij betrokkene lichamelijk en geestelijk geschikt is voor de vervulling van deze betrekking.’

De nieuwe brandweercommandant voldoet in de verste verte niet aan de gestelde eisen maar wordt toch aangesteld. In de regeling is namelijk ook opgenomen dat Burgemeester en wethouders van het in dit besluit gestelde kunnen afwijken,’ indien dat naar hun oordeel op grond van de personeelsformatie noodzakelijk is’. Ik kan geen enkele reden bedenken waarom zijn aanstelling op grond van de personeelsformatie noodzakelijk is geweest, want er zijn toch genoeg brandweerofficieren in Nederland die wel aan de eisen voldoen. Ik moet er niet aan denken dat de nieuwe commandant B&W gaat adviseren bij een calamiteit in Rijnmond.

Ook bij Defensie hebben we een voorbeeld gehad van een burgermedewerker die van de één op de andere dag werd bevorderd tot een opperofficier en plaatsvervangend commandant werd van een operationeel commando. Als officierenverenigingen hebben we ons hier tegen verzet. Toen de toenmalige Secretaris-Generaal (SG) onze klacht niet wilde behandelen hebben we de Nationale Ombudsman ingeschakeld. Deze heeft ons in het gelijk gesteld: ‘Het behoorlijkheidsvereiste is geschonden door een burgerambtenaar die niet aan de in de regelgeving gesteld eisen voldeed voor te dragen voor twee hoge militaire functies’. Ook op twee andere punten zijn we in het gelijk gesteld: de SG had onze klacht moeten onderzoeken en niet op voorhand mogen zeggen dat er geen sprake was van een misstand bij Defensie.

Waar veel militairen destijds terecht moeite mee hadden, en dat zal nu niet anders zijn bij het brandweerkorps in Rijnmond, is dat zij aan veel eisen moeten voldoen voordat zij hun uniform met trots mogen dragen. In de bovengenoemde gevallen worden burgers benoemd tot officier en mogen zij, zonder dat zij de professionele kennis en kunde hebben, het uniform dragen. Met het uniform stralen zij naar hun omgeving, collega’s en burgers, uit dat zij voldoen aan alle eisen die aan het niveau van hun rang zijn gesteld. In tijden van crisis zijn deze eisen van groot belang. Men moet er immers vanuit kunnen gaan dat de professional in uniform verstand van zaken heeft als het gaat om de behandeling of acties die moeten worden ondernomen. Het niet gehinderd worden door enige kennis en ervaring leidt onvermijdelijk tot ongelukken. En een professional die niet gehinderd wordt door enige operationele kennis en kunde is geen professional maar een clown in een mooi pak. In een crisissituatie is een clown echter volstrekt overbodig en dus niet welkom.

https://www.kvmo.nl/images/templateopmaak/button_reageren.jpg

KVMO  |  Wassenaarseweg 2, 2596 CH Den Haag  |  070 - 383 95 04