Nieuwe vorm van inzet vraagt om nieuw beleid

25 juni 2018
328 keer
Nieuwe vorm van inzet vraagt om nieuw beleid
Afgelopen week was ik op uitnodiging van de Hoofddirecteur Personeel (HDP) samen met mijn collega’s Snels en Debie op werkbezoek in Litouwen. Menig Nederlander zou bij het lezen van de eerste zin hun wenkbrauwen fronzen: wat moeten de HDP en drie vakbondsvoorzitters in Litouwen?

Het antwoord is heel simpel: sinds ruim een jaar maken Nederlandse troepen deel uit van de enhanced Forward Prensence (eFP) in Litouwen. Naast Litouwen zijn er eveneens eFP multinationale NAVO-bataljons in Estland, Letland en Polen. Het multinationale bataljon in Litouwen bestaat uit Duitse, Franse, Noorse, Kroatische en Nederlandse militairen. De eFP bataljons geven het signaal af aan onze ‘Russische vrienden’ dat als zij de bovengenoemde landen binnenvallen zij in conflict zullen raken met de NAVO. De eFP is dan ook niet bedoeld om een conflict op te zoeken. Dit laatste zou ook niet verstandig zijn gezien de staat van veel krijgsmachten in Europa en in het geval van Litouwen is de eFP ingeklemd tussen Rusland en Kaliningrad. Ook bij dit laatste zullen veel Nederlanders hun wenkbrauwen fronzen: Kaliningrad is dat niet een WK-voetbalstadion? Jazeker, maar Kaliningrad is ook een Russische enclave aan de Oostzee tussen Polen en Litouwen. Kaliningrad is voor de Russen van groot strategisch belang, omdat het hiervandaan in een straal van 500 km. alle schepen (op de Oostzee) en vliegtuigen kan tegenhouden. Kaliningrad is dan ook een zwaar bewapende strategische Russische voorpost. Net zoals de Syrische haven Tarus en de luchtmachtbasis Hmeimim. Vanuit hier kan Rusland het gehele Oostelijke deel van de Middellandse Zee controleren. In militaire termen: Anti Access Area Denial (A2AD).

Het eFP is een nieuwe vorm van operationele inzet. Onze militairen zijn hier veelal tussen de 3 en 6 maanden gestationeerd. Het is geen missie zoals bijvoorbeeld in Irak, Mali, Afghanistan of piraterijbestrijding. De inzet hier betreft ‘showing the NAVO-flag’ en het (grootschalig) oefenen met NAVO-partners. En dat laatste kan geen kwaad gezien de communicatieproblemen tussen de verschillende NAVO-landen. Op het gebied van communicatie over de eFP verschillen de landen ook onderling. Afhankelijk van de gevoelde dreiging vanuit het Oosten wordt er gesproken over ‘deadly shark’ of ‘friendly shark’. Dus hoe verder van de Russische grens vandaan hoe minder de nadruk op de tanden wordt gelegd.

Ondanks dat er geen sprake is van een missie lijken de condities waaronder onze militairen worden uitgezonden veel op een missie. Ze mogen gedurende de plaatsing geen alcohol drinken en ontvangen een uitzendtoelage. Ze krijgen, tot verdriet van de militairen, geen herinneringsmedaille, omdat de inzet niet als een missie wordt gezien. Afhankelijk van de duur dat ze in Litouwen zijn gestationeerd mogen ze één keer 10 dagen naar huis. Gezien de inzet kan je hier vraagtekens bij zetten. Gedurende de inzet zijn er momenten dat iemand in het weekend naar huis zou kunnen gaan. Er vliegen dagelijks vanaf Schiphol vliegtuigen naar Vilnius. Waarom zou iemand op het moment dat het even niet druk is en men heeft verlofdagen, niet op eigen kosten, een lang weekend naar huis mogen gaan. Het is algemeen bekend dat er na 4 maanden sprake is van een ‘uitzenddipje’. Ruim over de helft, maar nog twee lange maanden te gaan. Dit laatste kan worden voorkomen als men er even tussenuit kan gaan.

Een nieuwe vorm van inzet vraagt om nieuw beleid. Nieuw beleid dat het draagvlak bij zowel het thuisfront als de militair aanzienlijk zal verbeteren. Het kost Defensie niets en men krijgt er arbeidssatisfactie voor terug. Niet onbelangrijk als men beseft dat deze militairen waarschijnlijk meer dan één keer een eFP-tour zullen maken.

KVMO  |  Wassenaarseweg 2, 2596 CH Den Haag  |  070 - 383 95 04