Op één van de slides van mijn presentatie stonden negen foto’s, gerelateerd aan verschillende mediaberichten uit de eerste twee weken van 2016, die mijn inziens vanuit een militair oogpunt interessant zijn. Ik heb bij deze slide de hoop uitgesproken dat de eerste weken van 2016 niet representatief zijn voor de rest van het jaar. Ze stonden in mijn ogen namelijk in het teken van wantrouwen en het op scherp zetten van onderlinge verhoudingen.
De (vermeende) Noord-Koreaanse test met een waterstofbom heeft er toe geleid dat Amerika een bommenwerper over Zuid-Korea heeft laten vliegen en een vliegdekschip naar de Japanse Zee stuurt.
De spanningen tussen Iran en Saoedi-Arabië nemen verder toe door het onthoofden van een sjiitisch geestelijk leider door de nieuwe koning van Saoedi-Arabië. Het belagen/bombarderen van elkaars ambassades over een weer was de reactie op dit incident. Een proxy oorlog ligt op de loer in het toch al onstabiele Midden-Oosten. Israël vreest dat de Palestijnse Autoriteiten met de ‘gematigde’ Premier Abbas aan het hoofd instort, met alle gevolgen van dien voor de toch al oplopende spanning tussen Israël en de Palestijnen.
Aan onze oostflank doet Poetin ‘een duit in het zakje’ door zijn defensiebudget verder op te schroeven onder het mom dat de Verenigde Staten een gevaar zijn voor de nationale veiligheid. Nog dit jaar wil Rusland drie divisies, meer dan 30.000 militairen, oprichten aan onze oostflank, of moet ik zeggen oostfront?
Voor het eerst sinds 25 jaar laat Argentinië zich weer eens horen inzake de Falkland Eilanden. Ruikt Argentinië bloed nu de Britse krijsmacht aanzienlijk is uitgedund?
In Europa heeft, mede naar aanleiding van de gebeurtenissen in Keulen, de vluchtelingendiscussie zich verder verhard. In Parijs wordt een in Duitsland geregistreerde ‘vluchteling’ doodgeschoten voordat het hij een aanslag kan plegen op een politiebureau. In Istanbul en Jakarta waren de zelfmoord (IS) terroristen helaas wel succesvol.
De olieprijs blijft maar dalen. Maar landen die afhankelijk zijn van olie en gas voor hun inkomsten, waaronder ook Nederland, gaan het gelag betalen. Het wordt steeds lastiger voor deze landen om hun begroting op orde te houden. De sociale onrust zal hierdoor verder gaan toenemen. Bij sociale onrust is het dan altijd de vraag wat de leiders gaan doen: wachten ze lijdzaam af tot het moment dat ze ‘een kopje kleiner worden gemaakt’ of richten ze hun pijlen op een ‘gezamenlijke vijand’.
De aanwezigen van de Lionsclub maakten zich het meeste zorgen over de vluchtelingenstroom en Poetin. De vraag die bleef hangen aan het einde van de avond was: wat doet Nederland op het moment dat Poetin de Baltische Staten binnenvalt? Het artikel in het NRC ‘Een golfje van vaderlandsliefde?’ (16 januari jl) geeft hier denk ik het antwoord op. In dit artikel wordt aangegeven dat slechts 15% van de Nederlanders bereid is om te sterven voor ons vaderland. We willen dus al niet sterven voor ons vaderland, laat staan voor de Balten.
Het lijkt erop dat 2016 een gewelddadig jaar wordt en het zal dus niet het jaar zijn waar u en ik op hopen. Echter, het sluiten van de ogen voor bovenstaande ontwikkelingen is volgens mij niet (meer) in het belang van Nederland en haar inwoners. Ik ben dan ook benieuwd of er in 2016 duidelijkheid voor Defensie zal komen over of er daadwerkelijk sprake is van een (politieke) trendbreuk. Een trendbreuk in het veiligheidsdenken in Nederland, namelijk dat onze normen en waarden niet vanzelfsprekend zijn en ze het verdedigen ervan meer dan waard zijn.