Als we in het Sportfondsenbad gingen zwemmen, fietsten we altijd een stukje om zodat we een blik op het Chasséterrein konden werpen. Het ‘staal’ van de Landmacht was altijd indrukwekkend om te zien. De ‘Poolse tank’ in het Wilhelminapark was ook een interessante speelplek waar met een beetje fantasie de mooiste middagen konden worden beleefd. Het is dan ook niet verwonderlijk dat van mijn lagere schoolklas bijna 10% van de kinderen bij Defensie is gaan werken. Netjes verdeeld over Landmacht (Marius Faas), Luchtmacht (Kolonel Johan de Jongh) en ik bij de Marine.
Zoals Breda door de eeuwen heen is verweven met Defensie zou je ook verwachten dat de Veluwe, Leeuwarden en Volkel een sterke band zouden hebben met Defensie. Het valt me echter op dat deze verwevenheid steeds minder wordt. In de media lees ik steeds vaker berichten over klagende ‘NIMBY’-burgers (not in my backyard) in relatie tot Defensie.
Geluidsoverlast is veelal de boosdoener. Nachtvliegen en de enkele oefening waar nog met munitie wordt geschoten worden door de NIMBY-burgers niet in dank afgenomen en als storend ervaren. Ik begrijp dat het hinderlijk is dat als men wilt gaan slapen of als men in de tuin zit Defensie geluidsoverlast veroorzaakt. Zeker als je dit niet meer gewend bent, omdat Defensie niet meer zoveel oefent als in het verleden. Echter, om te trainen en oefenen voor operationele inzet is het noodzakelijk ook in de ‘donkere’ uren en met munitie te trainen, voor vrede en veiligheid.
In het reformatorisch Dagblad was afgelopen week een artikel gewijd aan de overlast die Defensie veroorzaakt. De kop was pakkend: ‘Recreatieondernemers op de Veluwe vrezen overlast van Defensie in hoogseizoen’. Dit omdat er diverse vliegoefeningen op stapel staan die de rust dreigen te verstoren. Volgens het ministerie van Defensie wordt er meer op de Veluwe geoefend dan voorheen. Ik zou dan graag willen weten wat ‘voorheen’ was, want volgens mij werd er in het verleden met een nog voor haar taak berekende krijgsmacht aanzienlijk meer geoefend. In het artikel wordt er nader ingegaan op de overlast: ‘Het probleem is dat Defensie zich altijd beroept op nationale veiligheid. Daarvoor moet het leger oefenen. Recreatie wordt altijd van ondergeschikt belang gezien.” Gelsing vindt dat een maatschappelijke afweging moet plaatsvinden. Nu gaan per definitie de belangen van Defensie voor. Ondernemers hebben vooral moeite met geluidsoverlast: schietoefeningen, het laag vliegen met helikopters. “Vooral de Chinooks maken een flink kabaal”.’
Waar is ‘het leven is goed in het (Brabantse) land’ van mijn jeugd gebleven? Wij vonden het normaal en zelfs leuk als Defensie lawaai maakte. Gelukkig sta ik hier niet alleen in, gezien het feit dat vele tienduizenden mensen graag naar het lawaai op de open dagen komen kijken. Vliegtuigspotters uit heel Nederland reizen naar Leeuwarden af om het ‘lawaai’ van de F-35 te kunnen ervaren. En ik kan me voorstellen dat menigeen met een biertje in hand op de camping kan genieten van een Chinook die laag komt overvliegen. Wanneer maak je dit nog mee in Nederland! Maar ja, als je een azijndrinker bent en de nationale veiligheid als probleem ervaart, valt het leven komend hoogseizoen zwaar op de Veluwe. Een tentje op de hei is dan denk ik niet het beste medicijn.